De Plastic Recycling Show in Amsterdam toonde aan dat de recyclingindustrie volop in ontwikkeling is. Technologie lijkt geen belemmering meer te vormen voor het bereiken van circulariteit, waarbij gerecyclede grondstoffen opnieuw gebruikt kunnen worden. De sector groeit doordat storten verboden is en verbranding niet langer als duurzaam wordt beschouwd.
Recycling wordt gezien als de sleutel tot verduurzaming van plasticgebruik. Er bestaat echter geen standaardmethode om al het kunststofafval om te zetten naar halffabricaten voor nieuwe grondstoffen.
In Nederland ligt het recyclingpercentage van papier en karton hoog. Stichting Papier Recycling Nederland noemt voor 2024 een recyclingpercentage van 89% voor verpakkingen en 81% voor niet-verpakkingen. In eerdere jaren lag het percentage voor verpakkingen rond 90%. Daarmee is de Nederlandse papier- en kartonketen inderdaad één van de beter functionerende recyclingketens.
Maar 90% recycling is niet hetzelfde als 90% circulariteit. Bij recycling gaat het om inzameling en verwerking tot nieuwe grondstof. Circulariteit betekent dat grondstoffen zo lang mogelijk en zo hoogwaardig mogelijk in dezelfde of vergelijkbare toepassing blijven circuleren. In de praktijk treedt altijd verlies op door vervuiling, vocht, voedselresten, coatings, laminaten, verkeerde inzameling en vezelverlies tijdens het recyclingproces.
Ook papiervezels blijven niet onbeperkt bruikbaar. Traditioneel werd vaak gezegd dat papiervezels gemiddeld 5 tot 7 keer kunnen worden hergebruikt, omdat ze bij elke recyclingcyclus korter en zwakker worden. Recentere inzichten laten zien dat vezels onder goede omstandigheden vaker kunnen worden gerecycled, soms aanzienlijk vaker dan eerder werd aangenomen. Maar ook dan blijft kwaliteitsverlies, toepassing en vervuiling bepalend.
Daarom blijven nieuwe vezels nodig in het systeem. Niet omdat recycling niet werkt, maar omdat er altijd verlies, degradatie en uitval is. Bovendien verdwijnen sommige papierproducten uit de recyclebare kringloop, zoals hygiënepapier, sterk vervuilde voedselverpakkingen of samengestelde materialen die niet goed in de oud-papierstroom passen.
Voor Europa ligt het totale papierrecyclingpercentage lager dan in Nederland. De European Paper Recycling Council rapporteerde voor 2024 een recyclingpercentage van 75,1% voor alle papierproducten samen. Dat laat zien dat Nederland hoog scoort, maar dat volledige circulariteit ook Europees gezien niet wordt gehaald.
De kunststofrecyclingbranche stelt dat dit uiteindelijk wel mogelijk zou moet zijn met nieuwe technologieën.
Een effectief inzamelingssysteem is van cruciaal belang. Verschillende bedrijven richten zich op het scheiden en zuiveren van afvalstromen. Zelfs als scheiding op grondstofniveau niet lukt, zijn er gespecialiseerde bedrijven die dit kunnen doen, al beïnvloedt dit de grondstofprijs. Schoner en gescheiden aanleveren helpt de kosten te verlagen.
Wat betreft prijzen werd bevestigd dat virgin grondstoffen uit de petrochemische industrie nog altijd goedkoper zijn dan gerecyclede grondstoffen uit afvalstromen. Door regelgeving en heffingen op virgin grondstoffen zullen deze prijsverschillen naar verwachting snel kleiner worden.
Op de vakbeurs waren veel technologieën te zien, vaak met werkende micro fabriek versies om een indruk van de verschillende proces te geven. Het uiteindelijke doel is om grondstoffen in de vorm van halffabricaten aan te leveren aan fabrieken, zodat deze direct gebruikt kunnen worden. Daarom zijn er verschillende vormen van halffabricaten te zien, zoals vlokken, granulaten en poeders.
Binnen de discussie over recycling van kunststoffen worden op dit moment twee hoofdsporen onderscheiden: mechanische recycling en chemische recycling. Beide technieken hebben hun waarde, maar ze zijn niet voor elk type kunststofafval even geschikt. Zeker voor de print- en signindustrie, waar veel producten bestaan uit samengestelde materialen, lijmlagen, inkten, coatings en laminaten, is het belangrijk om goed te begrijpen waar de kansen én beperkingen liggen.
Mechanische recycling is de meest bekende en meest toegepaste vorm van kunststofrecycling. Hierbij wordt het ingezamelde materiaal eerst gesorteerd, schoongemaakt en vervolgens verkleind tot snippers, maalgoed of granulaat. Dat materiaal kan daarna opnieuw worden ingezet als grondstof voor nieuwe producten. Het grote voordeel van mechanische recycling is dat het proces relatief eenvoudig, energiezuinig en economisch aantrekkelijk kan zijn, mits de afvalstroom voldoende schoon en homogeen is.
Daarmee is meteen ook de beperking duidelijk. Mechanische recycling werkt vooral goed bij niet-samengestelde producten of bij kunststofstromen die goed te scheiden zijn. Denk aan relatief zuivere productieresten, snijafval of monomateriaalstromen. Zodra er sprake is van composietproducten, zware vervuiling, lijmresten, inktlagen of verschillende kunststofsoorten door elkaar, wordt mechanische recycling moeilijker. Het gerecyclede materiaal kan dan in kwaliteit achteruitgaan, waardoor het vaak alleen nog geschikt is voor laagwaardigere toepassingen.
Voor de signindustrie is dat een belangrijk aandachtspunt. Veel producten, zoals zelfklevende folies, banners en gelamineerde platen, zijn technisch ontworpen om sterk, stabiel en duurzaam te zijn. Juist daardoor zijn ze aan het einde van hun levensduur vaak lastig uit elkaar te halen. Een folie bestaat bijvoorbeeld niet alleen uit een frontfilm, maar ook uit lijm, release liner, pigmenten, additieven en soms print- of laminaatlagen. Dat maakt het materiaal technisch waardevol tijdens gebruik, maar ingewikkeld in recycling.
Ook logistiek en wetgeving spelen een rol. Het verschepen van kunststofafval naar landen buiten Europa wordt steeds strenger gereguleerd. Binnen Europa gelden de regels van de EVOA, de Europese Verordening Overbrenging Afvalstoffen. Alleen schoon, gesorteerd kunststofafval dat geschikt is voor directe recycling kan relatief vrij worden verhandeld. Gemengde of vervuilde kunststofstromen vallen onder strengere procedures, zoals kennisgevingsplicht en toestemming van betrokken autoriteiten. Vanaf 2026 worden de regels voor export van bepaalde kunststofafvalstromen verder aangescherpt.
Daarom wordt het steeds belangrijker om afvalstromen niet zomaar als afval te behandelen, maar als potentiële grondstof met aantoonbare kwaliteit. In dat kader kunnen certificeringen en verklaringen, zoals End-of-Waste-achtige benaderingen, belangrijker worden. Daarmee kan worden aangetoond dat een materiaal juridisch en technisch niet langer als afval hoeft te worden beschouwd, maar als secundaire grondstof. Dat vergroot de verhandelbaarheid en kan helpen om circulaire ketens beter te organiseren.
Naast mechanische recycling is er chemische recycling. Dit is geen enkelvoudige techniek, maar een verzamelnaam voor processen waarbij de chemische structuur van kunststofafval wordt aangepast of afgebroken, zodat er opnieuw grondstoffen ontstaan voor de productie van kunststoffen of andere chemische producten. Voorbeelden zijn pyrolyse, vergassing, depolymerisatie en solvolyse.
Bij pyrolyse wordt kunststofafval onder hoge temperatuur en met weinig of geen zuurstof afgebroken tot olieachtige of gasvormige producten. Deze kunnen vervolgens opnieuw als grondstof worden gebruikt in de chemische industrie. Pyrolyse is vooral interessant voor gemengde kunststofstromen die mechanisch moeilijk te recyclen zijn, maar de output moet vaak nog verder worden opgewerkt voordat deze opnieuw als kunststofgrondstof kan dienen.
Vergassing gaat nog een stap verder. Hierbij worden kunststofstromen bij hoge temperatuur omgezet in synthesegas, een mengsel van onder meer koolmonoxide en waterstof. Dit gas kan als bouwsteen dienen voor nieuwe chemische processen. Vergassing kan geschikt zijn voor complexe of sterk vervuilde stromen, maar vraagt veel energie en grote industriële installaties.
Depolymerisatie is vooral relevant voor kunststoffen die chemisch kunnen worden teruggebracht tot hun oorspronkelijke bouwstenen, de monomeren. Deze monomeren kunnen vervolgens opnieuw worden gebruikt om kunststof van hoge kwaliteit te maken. Deze techniek is met name interessant voor bepaalde kunststoffen zoals PET, polyamide of polystyreen, maar is niet voor alle materialen even geschikt.
Solvolyse neemt een bijzondere positie in. Hierbij wordt gebruikgemaakt van een oplosmiddel om een specifieke component uit een samengesteld product los te maken of op te lossen. Het oplosmiddel en de procescondities bepalen welke laag of welk materiaal wordt verwijderd. Daardoor kan solvolyse interessant zijn voor meerlaagse of samengestelde producten, zoals bepaalde verpakkingen, textielcomposieten of mogelijk ook PVC-houdende banners en folies. In sommige gevallen wordt solvolyse gezien als een tussenvorm tussen mechanische en chemische recycling, omdat het materiaal niet altijd volledig wordt afgebroken tot monomeren, maar selectief wordt gescheiden of gezuiverd.
Voor PVC-houdende banners en folies kan dit perspectief bieden. Deze producten zijn moeilijk mechanisch te recyclen door de combinatie van PVC, weekmakers, coatings, vezelversterking, inkten en vervuiling. Wanneer via solvolyse bepaalde lagen of componenten selectief kunnen worden verwijderd, ontstaat mogelijk een schonere grondstofstroom die opnieuw bruikbaar is. Dat maakt deze techniek interessant voor verdere ontwikkeling binnen de print- en signindustrie.
Tegelijkertijd moeten we realistisch blijven. Chemische recycling is veelbelovend, maar niet automatisch circulair of duurzaam. De processen vragen energie, installaties, schaalgrootte en constante aanvoer van geschikte afvalstromen. Bovendien hangt de milieuwinst af van de vraag of de output daadwerkelijk opnieuw wordt ingezet als grondstof voor nieuwe kunststoffen, en niet eindigt als brandstof. Daarom blijft een goede levenscyclusanalyse belangrijk.
De juiste conclusie is daarom niet dat mechanische of chemische recycling “de oplossing” is. Beide routes zijn nodig. Mechanische recycling blijft de meest logische keuze voor schone, homogene en goed gescheiden stromen. Chemische recycling kan aanvullend waardevol zijn voor complexe stromen die anders zouden worden verbrand of laagwaardig verwerkt. Voor de print- en signindustrie ligt de uitdaging in het beter scheiden van afvalstromen, het verzamelen van voldoende volume en het samenwerken met partijen die de juiste technologie kunnen inzetten.
Er is een trend van samenwerking tussen recyclingbedrijven om specialiteiten te combineren voor totaaloplossingen. Steeds meer producten kunnen gerecycled worden, vooral PET, PU, PMMA, HDPE/LDPE, ABS en PP. Op deze beurs was PVC, de meest gebruikte grondstof in onze industrie, nauwelijks vertegenwoordigd.