NIEUWS

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws uit de print- en signindustrie.

Volop nieuwe ontmoetingen, open gesprekken over de toekomst van de branche en een modeshow tussen de printmachines: het allereerste Ladies Event van FESPA Nederland had het allemaal. Bij Mimaki kwamen vrouwen uit de print- en signindustrie samen om elkaar te leren kennen, ervaringen uit te wisselen en inspiratie op te doen. De belangstelling was vooraf al zo groot dat de inschrijving moest worden gesloten.

In België worden al langer Ladies Events georganiseerd en ook internationaal is er met Women in Print aandacht voor vrouwen in de branche. Een Nederlandse editie liet nog op zich wachten. Toen Kim Havelaar het operationele team van FESPA Nederland kwam versterken op het gebied van marketing, communicatie en sales, was de tijd rijp om ook in Nederland een dergelijk evenement te organiseren. Ze nam het initiatief voor een Ladies Event en benaderde Danna Drion, General Marketing Manager bij Mimaki Europe. Samen werkten zij het programma uit en organiseerden ze deze eerste editie.

Het doel was helder: vijftig vrouwen uit de print- en signindustrie bij elkaar brengen en ruimte bieden voor ontmoeting en kennisdeling. De enthousiaste aanmeldingen maakten al snel duidelijk dat hier behoefte aan was.

Nieuwe gezichten en herkenbare ervaringen

Vanaf de ontvangst zat de sfeer er goed in. Onder het genot van een hapje en een drankje raakten de eerste deelnemers met elkaar in gesprek. Veel vrouwen kenden wel een paar aanwezigen, maar voor vrijwel iedereen waren er volop nieuwe gezichten. De nieuwsgierigheid naar elkaar en naar het programma was voelbaar.

Rond vier uur heette Jeroen Depraetere van FESPA België, tevens cabaretier, de deelnemers welkom. Midden in de showroom van Mimaki was tussen de machines een informele setting ingericht voor het rondetafelgesprek, met stoelen en statafels rondom de gesprekstafel.

Aan tafel schoven Kim Rauwerdink van Nimeto, Antje de Bruin van Probo, Danna Drion van Mimaki, Rinske Haan-van As van vanAs print&sign, Liesbeth Houbrechts van Dimix en Aysin Sali van FEPATEX aan. Met hun verschillende achtergronden brachten zij ervaringen vanuit het onderwijs, printbedrijven en toeleveranciers in het gesprek.

Hoe maken we de branche en elkaar zichtbaarder?

Na een korte kennismaking legde Jeroen vijf stellingen voor. Die gingen over de zichtbaarheid van de industrie, de invloed van AI en automatisering, de aantrekkingskracht van carrières in de printindustrie en de manier waarop vrouwen hun netwerk inzetten.

Vooral de vraag hoe we beter kunnen laten zien wat onze branche te bieden heeft, leverde veel gespreksstof op. Hoe maken we de innovatie en creativiteit binnen print en sign zichtbaar? En hoe zorgen we ervoor dat de carrièremogelijkheden ook buiten onze eigen sector bekend worden? Daarbij kwamen de verschillende perspectieven van de tafelgasten goed naar voren.

Ook netwerken werd uitgebreid besproken. Benutten vrouwen hun contacten voldoende en hoe kunnen zij elkaar daarin versterken? Vanuit het publiek werden volop vragen gesteld en ervaringen gedeeld, waardoor het gesprek zich al snel uitbreidde naar de hele zaal.

Een van de stellingen verwoordde de ambitie achter de bijeenkomst treffend: “Een vrouwennetwerk heeft alleen waarde als we elkaar na vandaag ook daadwerkelijk verder helpen.” Daarmee kwam ook het belang van een vervolg op deze eerste ontmoeting aan bod.

Printtechniek van dichtbij

Na het rondetafelgesprek was het tijd om de showroom te verkennen. Verdeeld over twee groepen kregen de deelnemers een rondleiding van ongeveer twintig minuten langs de machines en toepassingen van Mimaki. De rondleiding liet zien hoe veelzijdig de mogelijkheden zijn en gaf aanleiding tot veel vragen over de verschillende technieken.

Tessa Koops brengt mode tussen de machines

De verrassing van de avond was modeontwerpster Tessa Koops. Tussen de machines ontstond een catwalk waarop vier modellen haar ontwerpen presenteerden. Terwijl de modellen zich omkleedden, nam Tessa de aanwezigen mee in de verhalen achter haar werk.

Daarbij had ze meteen een treffende observatie: in een ruimte vol vrouwen uit de printindustrie waren opvallend veel effen outfits te zien. Dat mocht volgens haar best wat kleurrijker. Ze vertelde dat we het komende jaar nog meer prints in de mode kunnen verwachten.

Tessa ging ook in op haar favoriete stoffen en de uitdagingen die haar ontwerpen met zich meebrengen. Een dessin op verschillende materialen toepassen vraagt om kennis van de stoffen en de bijbehorende printtechnieken. Wat een ontwerpster voor ogen heeft, kan daarmee een flinke technische uitdaging vormen. Haar verhaal gaf een interessant inkijkje in de wisselwerking tussen modeontwerp en printtechnologie.

Jeroen ging vervolgens met Tessa in gesprek en stelde haar diverse vragen over haar werk en ervaringen. Tijdens de aansluitende borrel was er voor de deelnemers volop gelegenheid om zelf vragen te stellen en verder kennis te maken.

Een eerste editie met een vervolg

Bij vertrek stond voor iedere deelnemer een goodiebag klaar om thuis nog even na te genieten. FESPA Nederland kijkt met veel plezier terug op deze eerste editie en bedankt alle aanwezigen en iedereen die aan het programma heeft bijgedragen.

Een bijzonder dankwoord gaat uit naar Mimaki voor de gastvrijheid, de tafelgasten voor hun openheid en Tessa Koops en Jeroen Depraetere voor hun inspirerende bijdrage.

De plannen voor een volgende editie zijn er al. Houd de kanalen van FESPA Nederland in de gaten en blijf vooral ook met elkaar in contact.

Op 7 oktober kwam de stuurgroep van het project Print&Sign PVC Recycling bij elkaar. Rond de tafel zaten producenten, groothandels, signmakers, printers en kennispartners die samen één vraag hebben onderzocht: kunnen we de zelfklevende PVC folie die onze branche dagelijks verwerkt een tweede leven geven? Het antwoord is voorzichtig, maar duidelijk positief. En dat is goed nieuws voor iedereen in ons vak.

Een onderzoek van en voor de sector

De TSE-haalbaarheidsstudie was een onderzoeksproject naar de technische, logistieke, economische en organisatorische haalbaarheid van een circulaire verwerkingsroute voor PVC-printfolie uit de Nederlandse Print&Sign-sector. Wat dit project bijzonder maakt, is wie het heeft gedragen. Ondernemers uit onze eigen industrie hebben zelf geld en tijd in het onderzoek gestoken. Bedrijven die elkaar normaal als concurrent tegenkomen, gingen samen aan tafel, omdat een oplossing voor ons restafval alleen gezamenlijk te vinden is. Onder de deelnemers zijn onder meer 3M Nederland, Antalis, Arlon Graphics, Bergslot (TVE-group), Circular Plastics Alliance, Cubord Signmakers, FESPA Nederland, Igepa Nederland, Nautasign, Omnimark B.V., PPP Nederland B.V., Print.com, Probo, Si’Bon, Spandex, Tanco Sign & Print, Textline Reclame voor morgen en Vink VTS.

Dankzij Kimm Besselsen en PPG&C, dat als penvoerder optrad, kon het consortium gebruikmaken van een RVO bijdrage uit de Topsector Energiesubsidie. Zo konden verschillende verwerkingsroutes echt in de praktijk worden getest, in Nederland en elders in de wereld.

Wat hebben we geleerd?

De belangrijkste conclusie: recycling van zelfklevende PVC films is een reële optie. Productieafval en folie die na gebruik van voertuigen, gevels en interieurs wordt verwijderd, kunnen worden verwerkt tot een waardevolle grondstof. Dat flexibele rPVC vindt zijn weg naar nieuwe producten, zoals tuinslangen, spatborden, wieltjes voor kruiwagens, rug van laminaat of tapijt en schoenzolen.

Niet elke route bleek begaanbaar. Mechanisch scheiden van folie en papieren rugvel lukte technisch wel, maar gaf onvoldoende kwaliteit en kostte te veel handwerk. Een combinatie van verkleinen, extruderen en continu filteren bleek het meest kansrijk. Op kleine schaal is daarmee rPVC gemaakt met minder dan 2% vervuiling.

Schoon scheiden is de sleutel

Er is wel een belangrijke voorwaarde, en die ligt bij ons allemaal. De kwaliteit van de grondstof valt of staat met wat we aanleveren. Het moet gaan om een monostroom: alleen PVC folie. Lijm, inkt en een PVC laminaat mogen erop zitten, andere kunststoffen horen er niet bij. Eén rol PET folie of een stuk plaatmateriaal tussen de snijresten kan een hele partij onbruikbaar maken. Circulair werken begint dus gewoon op de werkvloer, bij de bak naast de snijplotter.

Volume genoeg, financiering nodig

In Nederland wordt jaarlijks ruim 4.600 ton PVC-printfolie op de markt gebracht. Aan volume geen gebrek. De rekensom laat ook zien dat een keten economisch perspectief heeft, mits we die slim organiseren. De verkoop van gerecycled PVC alleen is namelijk niet genoeg om inzameling, transport en verwerking te betalen.

Daarom ligt er een voorstel voor een vrijwillige UPV, uitgebreide producentenverantwoordelijkheid. Het idee is eenvoudig. Bij de inkoop van PVC folie komt er een zeer geringe opslag op het materiaal, die wordt afgedragen aan een onafhankelijke stichting. Die stichting regelt de inzameling via regionale hubs, betaalt transporteur en verwerker, en bewaakt dat het geld ook echt naar recycling gaat. Voor signmakers en printers betekent dat gratis retourname van snijafval en overtollige PVC folie via hun leverancier.

En daar zit meteen een tweede voordeel. Wat retour gaat, belandt niet in de afvalcontainer. Dat scheelt in de reguliere afvalkosten, die naar verwachting de komende jaren verder stijgen.

Bovendien wordt het steeds lastiger om PVC afval kwijt te raken als brandstof voor energieopwekking. Afvalverwerkers stellen hogere eisen aan wat ze accepteren, en die lat gaat de komende jaren alleen maar omhoog. Door het nu zelf goed te regelen, houden we als sector grip op onze eigen verantwoordelijkheid. En wie aantoonbaar zijn zaken op orde heeft, maakt de kans een stuk kleiner dat er straks van buitenaf een verplichte methode wordt opgelegd.

De volgende fase: een eigen recyclingfabriek

Tijdens de bijeenkomst viel een zin die bleef hangen: de technische vraag wordt kleiner, de organisatorische vraag groter. In de volgende fase onderzoeken we of het ons als industrie lukt om zelf een PVC recyclingfabriek op te zetten en de retourstromen te organiseren via een UPV-stichting.

Daarvoor is een investering van ongeveer 2,5 miljoen euro nodig. Dat bedrag hoeft niet van één partij te komen. Subsidies, bijdragen van ketenpartners, private investeerders en een recyclingpartner kunnen samen het fundament leggen. Eerst volgt nog een validatieslag: aantonen dat de kwaliteit continu en op grotere schaal te halen is, en dat afnemers de grondstof ook echt willen kopen.

Doe mee

De stuurgroep vatte het samen in twee vragen. Kunnen we het? Wij geloven van wel. Willen we het? Dat is de beslissing die nu voor ons ligt.

Die beslissing nemen we niet alleen met de huidige deelnemers. Bent u producent, distributeur, groothandel, signmaker of printer en wilt u meedenken, meedoen of als koploper zichtbaar zijn? Neem dan contact op met FESPA Nederland. Hoe meer bedrijven aansluiten, hoe eerder onze folie niet in de verbrandingsoven belandt, maar in een nieuw product.

13 okt 2026 · @Eduard Hoogendijk

Certificering in de print en signbranche: vakmanschap dat je kunt laten zien

De werkgroep Certificeringen heeft opnieuw grote stappen gezet. Er ligt nu een compleet normenkader, een onafhankelijke partij die de audits uitvoert en een helder groeipad in drie niveaus. Wat betekent dit voor signmakers, en wat hebben hun opdrachtgevers eraan?

Wie de afgelopen jaren met collega’s in de branche heeft gesproken, kent het verhaal. Bedrijven verschillen enorm, van eenpitters tot productiebedrijven met tientallen, soms wel honderden medewerkers. Voor een opdrachtgever is dat verschil vaak lastig te zien. Investeringen in machines, mensen en processen verdwijnen in de ruis, en een logo op de website zegt weinig over hoe een bedrijf werkelijk draait. Daarom is een groep ondernemers uit onze sector samen met FESPA Nederland aan de slag gegaan met een eigen certificering.

Tijdens de laatste bijeenkomst van de werkgroep werd duidelijk hoe ver we inmiddels zijn. Er ligt een volledig normenkader, opgesteld door mensen uit de praktijk en getoetst op haalbaarheid. Geen papieren exercitie, maar een instrument waar je als ondernemer echt iets aan hebt.

Waar gaat het eigenlijk over?

Certificering klinkt al snel als een stapel formulieren. In werkelijkheid gaat het om iets heel praktisch: hoe organiseer je je bedrijf zo dat je slimmer omgaat met mensen en materialen? Denk aan een kloppende en stabiele calculatie, een planning die werkt, duidelijke werkinstructies en inzicht in energieverbruik en afval. Wie dat op orde heeft, maakt minder fouten, verspilt minder en kan beter inspelen op wat de markt vraagt. Het bedrijf wordt robuuster en stabieler. Dat zie je terug in het rendement onder de streep en in tevreden klanten die terugkomen.

De norm is opgebouwd rond zes thema’s: algemene normen, operationele besturing, tactische besturing, strategische besturing, gezond en veilig werken en duurzaam produceren. Voor elk thema zijn drie niveaus uitgewerkt. Niveau 1 is de basis, met zaken als een geldige KvK inschrijving, een actuele RI&E en aandacht voor milieu en veiligheid. Niveau 2 laat zien dat je bedrijf aantoonbaar professioneel wordt aangestuurd, bijvoorbeeld op planning, calculatie en verzuim. Niveau 3 is voor bedrijven die strategisch sturen, met meetbare doelen, een heldere missie en CO₂ inzicht tot op productniveau.

Omdat we slim gebruikmaken van elementen uit reeds erkende ISO normen, krijgt het certificaat ook echt gewicht in de markt. Heb je al een ISO certificering, dan kun je voor sommige onderdelen dispensatie krijgen. Voor andere ondernemers is dit juist een mooie eerste stap richting professionalisering.

Onafhankelijk, en dat is belangrijk

Een keurmerk is alleen geloofwaardig als het onafhankelijk is. FESPA Nederland is initiatiefnemer, maar voert zelf geen audits uit en geeft geen certificaten uit. Zo waarborgen we onze onpartijdig als vereniging. Deze werkzaamheden voert het SCCI, een erkende onafhankelijke certificeringsinstantie die onze sector goed kent. Deelname is vrijwillig, ook bedrijven die geen FESPA-lid zouden kunnen meedoen, en de kosten worden gedragen door de deelnemers zelf. Die kosten houden we overigens bewust laag, want het is de bedoeling dat de certificering bereikbaar is voor zoveel mogelijk ondernemers, groot en klein. Het certificaat is drie jaar geldig, maar dat betekent niet dat je drie jaar achterover kunt leunen. Jaarlijks vindt een externe audit plaats om de voortgang van de ontwikkeling te waarborgen. Zo blijft het certificaat een levend groeipad in plaats van een momentopname.

Vakmanschap: ervaring is mooi, kennis aantonen is sterker

Het onderwerp waar we tijdens de laatste meeting het langst over spraken, was vakbekwaamheid. Hoe laat je zien dat je echt een professional bent? In onze branche bestaan weinig gestandaardiseerde opleidingsroutes, dus dat is geen eenvoudige vraag. Voorlopig kijken we naar ervaring, het aantal jaren dat je actief bent in het vak. Dat doet recht aan hoe vakmanschap in de praktijk groeit, aan de machine en op locatie bij de klant.

Toch waren we het er snel over eens dat ervaring alleen niet genoeg is. Een klant wil zekerheid, en aantoonbare kennis overtuigt nu eenmaal meer dan het verhaal dat je het al twintig jaar doet. Daarom willen we de norm stap voor stap aanvullen met trainingscertificaten en diploma’s, zodra de opleidingsroutes voor onze sector verder zijn ontwikkeld. Welke opleidingen tellen mee, en hoe maak je ervaring toetsbaar? Dat wordt een van de eerste opdrachten voor de normcommissie die uit de werkgroep wordt samengesteld.

Wat heeft de opdrachtgever eraan?

Voor inkopers, marketeers en facilitair managers wordt de keuze voor een leverancier een stuk eenvoudiger. Een gecertificeerd bedrijf heeft onafhankelijk laten toetsen dat processen, veiligheid en duurzaamheid op orde zijn. Dat scheelt eigen uitzoekwerk en geeft houvast in een markt met grote onderlinge verschillen. De norm is bovendien ontwikkeld door mensen die het vak kennen, en gaat dus over wat er in de praktijk echt toe doet.

Hoe nu verder?

De komende tijd wordt de normcommissie geïnstalleerd en leggen we het normenkader voor aan de bredere achterban. SCCI vertaalt de norm intussen naar een auditchecklist, waarna een aantal pilot audits volgt. Daarna gaat de certificering breed open.

Circulaire bebording

NOMINATIE 1. FESPA NEDERLAND INNOVATIE AWARD 2026 – Bewegwijzering

  • Innovatie:
    Circulaire bebording
  • Bedrijf:
    Textline Reclame voor Morgen
  • Categorie:
    Bewegwijzering
  • Korte omschrijving:
    In opdracht van het Utrechts Landschap is een modulair en uitwisselbaar bebordingsconcept voor natuurgebieden ontwikkeld. Bij deze nieuwe generatie terreinbebording staan een lange gebruiksduur, hergebruik van onderdelen, lokale/biobased materiaalkeuzes en lagere totale milieu- en beheerkosten centraal.

Cortex

NOMINATIE 2.  FESPA NEDERLAND INNOVATIE AWARD 2026 – Software

  • Innovatie:
    Cortex
  • Bedrijf:
    ColorBase
  • Categorie:
    Software
  • Korte omschrijving:
    Cortex is een AI-platform voor kleurmanagement. Een neuraal netwerk voorspelt de interactie tussen printer, inkt, materiaal en licht, waardoor meetdata en volledig functionele kleurprofielen met veel minder fysieke testvlakken en in aanzienlijk kortere tijd kunnen worden opgebouwd.

Flexwrap

NOMINATIE 3. FESPA NEDERLAND INNOVATIE AWARD 2026 – Montagetechniek

  • Innovatie:
    Flexwrap
  • Bedrijf:
    Vermeulen & Vermeulen reclame
  • Categorie:
    Montagetechniek
  • Korte omschrijving:
    FlexWrap benadert carwrapping modulair: een voertuig wordt digitaal vastgelegd, naar 2D-panelen vertaald en de folie-elementen worden vooraf exact voorbereid. Daardoor zijn minder materiaal, minder montagetijd en minder specialistische montagevaardigheden nodig.

Het beoordelingsproces

Om de verschillende innovaties toch op een zo evenwichtig mogelijke manier te kunnen beoordelen, werkt de jury met zes beoordelingscriteria.

Innovatie & originaliteit kijkt naar wat er werkelijk nieuw is aan de oplossing. Gaat het om een verbetering van iets bestaands of is er daadwerkelijk een andere manier van denken, produceren of toepassen ontstaan?

Daarnaast wordt gekeken naar techniek & vakmanschap. Welke technische uitdagingen moesten worden opgelost? Welke kennis van materialen, productieprocessen of installatietechnieken was daarvoor nodig? En zijn bestaande technieken misschien op een verrassende manier met elkaar gecombineerd?

Ook duurzaamheid speelt een belangrijke rol. Denk aan het verminderen van materiaalgebruik, energie en afval, maar ook aan levensduur, reparatie, hergebruik en recycling. Daarbij is vooral relevant of de duurzaamheidswinst daadwerkelijk kan worden onderbouwd.

Van digitalisering tot waarde voor de klant

Innovatie binnen onze industrie wordt steeds vaker mogelijk gemaakt door digitalisering & technologie. Software, data, automatisering, AI en digitale productietechnieken kunnen processen slimmer en efficiënter maken, maar ook compleet nieuwe toepassingen mogelijk maken.

Minstens zo belangrijk is uiteindelijk wat een innovatie betekent voor degene die ermee werkt of het product gebruikt. Bij waarde voor klant of gebruiker kijkt de jury daarom naar het concrete probleem dat wordt opgelost. Wordt iets sneller, makkelijker, flexibeler, mooier, duurzamer of betaalbaarder?

Tot slot wordt gekeken naar de potentie voor de industrie. Kan een innovatie breder worden toegepast? Kan zij andere ondernemers inspireren? En bestaat de mogelijkheid dat de innovatie uiteindelijk een bestaande werkwijze of zelfs een deel van de markt verandert?

Vijf juryleden, vijf verschillende invalshoeken

Juist omdat de inzendingen uit verschillende disciplines komen, is gekozen voor een jury waarin uiteenlopende kennis en ervaring samenkomen. De jury bestaat uit Wouter Mooij, Wim Danhof, Cees Bolijn, Graeme Richardson-Locke en Eduard Hoogendijk.

Wouter Mooij – hoofdredacteur Sign Benelux
Als hoofdredacteur van Sign Benelux volgt Wouter de ontwikkelingen binnen de signindustrie al jarenlang op de voet. Hij ziet veel nieuwe projecten, technieken, toepassingen en marktontwikkelingen voorbijkomen en kan daardoor goed beoordelen wanneer iets werkelijk onderscheidend is. Zijn kennis van makers, toepassingen en trends brengt vooral het perspectief van de sign- en visuele communicatie-industrie in de jury.

Wim Danhof – hoofdredacteur PRINTmatters
Wim bekijkt de grafische industrie vanuit een brede invalshoek. Als hoofdredacteur van PRINTmatters houdt hij zich bezig met onderwerpen als bedrijfsstrategie, nieuwe businessmodellen, productie, materialen en technologische ontwikkelingen. Daarmee brengt hij zowel een generalistische als inhoudelijke blik op innovatie binnen print mee. Wim is daarnaast juryvoorzitter van de PRINTmatters Awards 2026.

Cees Bolijn – expert in sign, print en automatisering
Cees heeft meer dan 35 jaar ervaring op het gebied van sign, print en automatisering. Zijn kennis van digitale workflows, automatisering en technologische ontwikkelingen maakt hem bij uitstek geschikt om te kijken naar innovaties waarin productie, software en slimme procesoplossingen samenkomen. Daarbij is hij zelf bekend van spraakmakende innovaties, zoals de Inhaker.

Graeme Richardson-Locke – Head of Associations & Technical Lead bij FESPA
Graeme brengt een internationaal en sterk technisch perspectief mee. Hij heeft tientallen jaren ervaring binnen screen- en digitale print en houdt zich bij FESPA onder andere bezig met techniek, industriestandaarden en duurzaamheid. Ook maakt hij deel uit van internationale vakcommissies en is hij al jarenlang betrokken bij de beoordeling van de internationale FESPA Awards. Daarmee kan hij de Nederlandse inzendingen ook plaatsen binnen ontwikkelingen die wereldwijd in de print- en signindustrie plaatsvinden.

Eduard Hoogendijk – Managing Director FESPA Nederland
Als Managing Director van FESPA Nederland kijkt Eduard vanuit het perspectief van de vereniging naar de ontwikkeling van de totale print- en signindustrie. Daarbij staan toekomstbestendig ondernemerschap, kennisontwikkeling en het verbinden van verschillende disciplines binnen visuele communicatie centraal. Binnen de jury brengt hij die brede industrieblik mee en bewaakt hij dat niet alleen naar de innovatie zelf wordt gekeken, maar ook naar de mogelijke betekenis ervan voor de sector.

Daarmee ontstaat een jury waarin sign, print, techniek, digitalisering, ondernemerschap, duurzaamheid en internationale marktkennis samenkomen. Dat is belangrijk, omdat er juist geen voorkeur moet ontstaan voor één bepaalde discipline of type innovatie.

Veel innovatie blijft nog achter gesloten deuren

In de aanloop naar de award werd ook iets anders duidelijk. Er gebeurt binnen print en sign veel meer aan innovatie dan van buitenaf soms zichtbaar is.

Veel bedrijven reageerden enthousiast op het initiatief en blijken dagelijks bezig te zijn met nieuwe toepassingen, producten, processen en technieken. Tegelijkertijd is het niet voor iedereen vanzelfsprekend om een innovatie direct naar buiten te brengen.

Soms bevindt een ontwikkeling zich nog te vroeg in het proces. In andere gevallen willen bedrijven hun concurrenten nog niet laten zien waaraan zij werken. Die voorzichtigheid is begrijpelijk, maar maakt tegelijkertijd duidelijk hoeveel vernieuwingskracht er binnen de industrie aanwezig is.

Dat maakt de inzendingen die wél zijn ingediend extra interessant. De ondernemers achter deze projecten kiezen ervoor hun ideeën, kennis en vakmanschap zichtbaar te maken en daarmee mogelijk ook anderen binnen de industrie te inspireren.

Van inzending naar drie genomineerden

Tijdens de jurering worden de inzendingen eerst afzonderlijk beoordeeld aan de hand van de zes criteria. Daarna legt de jury de bevindingen naast elkaar en volgt de discussie.

En juist die discussie kan interessant worden. Want hoe vergelijk je bijvoorbeeld een slimme digitale toepassing met een bijzondere materiaalinnovatie? Of een nieuw productieproces met een compleet nieuw businessmodel?

Uiteindelijk blijven er drie genomineerden over.

De uiteindelijke winnaar wordt bekendgemaakt tijdens de Print & Sign Awards op dinsdag 10 november 2026 in Raamsdonksveer, waar ook de Sign Benelux Awards en PRINTmatters Awards worden uitgereikt.

Wie er gaat winnen, weten we dus nog niet. Wat nu al wel duidelijk is: innovatie binnen de print- en signindustrie zit niet alleen in grote technologische doorbraken. Ze ontstaat juist ook door ondernemers die anders durven kijken naar materialen, processen, technieken, samenwerking en klantvragen.

En precies die vernieuwingskracht willen we met de FESPA Nederland Innovatie Award een podium geven.

Op dinsdag 17 november 2026 organiseert FESPA Nederland haar jaarlijkse Algemene Vergadering. Hét moment waarop u als lid van onze vereniging voor makers van visuele communicatie kunt meepraten en meebeslissen over de koers van FESPA Nederland en de activiteiten waarmee we toekomstbestendig ondernemen in de print- en signindustrie stimuleren.

Het bestuur nodigt u van harte uit om hierbij aanwezig te zijn, uw ideeën te delen en uw stem te laten horen.

De vier strategische pijlers INSPIRE – CONNECT – SUPPORT – FUN vormen de basis van alles wat we als vereniging ondernemen. Van kennisdeling en innovatie tot samenwerking, belangenbehartiging en inspirerende ontmoetingen. Tijdens de Algemene Vergadering kijken we terug op wat we samen hebben bereikt én bespreken we onze ambities en plannen voor 2027.

Een inspirerende start bij het Apple Museum in Utrecht

We beginnen de middag met een bijzonder bezoek aan het Apple Museum in Utrecht, dat voor deze gelegenheid speciaal voor ons open is.

Ontdek 50 jaar innovatie, design en technologische ontwikkeling. Van de eerste Apple-computers tot de digitale revolutie die ook onze print- en signindustrie ingrijpend heeft veranderd. Apple speelde een belangrijke rol in grafisch ontwerp, beeldbewerking en digitale productie. Een inspirerende reis door de geschiedenis van creativiteit en technologie.

Samen dineren en vergaderen

Rond 18.00 uur verplaatsen we ons naar Liemès, waar we gezamenlijk genieten van een Wereld diner. Een mooi moment om bij te praten, ervaringen uit te wisselen en nieuwe contacten te leggen.

Aansluitend vindt de Algemene Vergadering plaats in de Passiflorazaal van Limès, waarvoor we ongeveer twee uur hebben gereserveerd. We bespreken de ontwikkelingen binnen onze vereniging, de financiële zaken en de plannen waarmee we FESPA Nederland verder willen versterken.

Praktische informatie

  • Datum: dinsdag 17 november 2026
  • 16:00 uur: bezoek aan het Apple Museum, Proostwetering 5d 3543 AB Utrecht
  • 18.00 uur: gezamenlijk diner bij Liemès, Proostwetering 11, 3543 AB Utrecht
  • 19:30 uur: Algemene Vergadering (circa 2 uur)

Uw betrokkenheid maakt het verschil!

FESPA Nederland is er vóór en dóór haar leden. Hoe meer ondernemers actief meedenken, hoe beter we kunnen inspelen op de uitdagingen en kansen binnen onze industrie.

Daarom hopen we u op 17 november te mogen verwelkomen. Niet alleen om samen besluiten te nemen, maar ook om elkaar te inspireren, te verbinden en vooral een waardevolle en gezellige bijeenkomst te beleven.

Meld u aan door een mail te sturen aan events@fespa.nl, met de tekst: IK BEN AANWEZIG en denk mee over de toekomst van onze vereniging en onze industrie!

Na aanmelding ontvangt u als FESPA Nederland clublid uiterlijk 10 dagen voor de Algemene Vergadering de agenda, de besluitpunten en nog wat praktische informatie. 

FESPA Nederland is al jarenlang aangesloten bij de internationale FESPA-federatie. Een wereldwijd netwerk van landenverenigingen die allemaal actief zijn binnen de print-, sign- en dus de visuele communicatie-industrie.

Dat internationale karakter is misschien niet iedere dag zichtbaar, maar het is wel een belangrijk onderdeel van wat FESPA zo bijzonder maakt. Want hoewel markten, wetgeving en omstandigheden per land sterk kunnen verschillen, blijken veel uitdagingen verrassend herkenbaar.

Dit jaar waren we door FESPA South Africa uitgenodigd om de jaarlijkse Algemene Ledenvergadering van de federatie bij te wonen in Kaapstad. Zo’n bijeenkomst heeft natuurlijk ook een formele kant. In een internationale federatie moeten besluiten worden genomen, reglementen worden besproken, begrotingen worden goedgekeurd en landenverenigingen geven gezamenlijk richting aan de organisatie.

Toch zit voor mij de echte waarde van deze bijeenkomsten vooral in wat er daarnaast gebeurt.

In de gesprekken tijdens bijeenkomsten, lunches, diners en informele momenten hoor je wat er in andere landen speelt. Welke uitdagingen print- en signondernemers daar ervaren. Welke onderwerpen op de agenda staan. En vooral: welke oplossingen andere verenigingen daarvoor ontwikkelen.

Veel uitdagingen blijken wereldwijd hetzelfde

Wat telkens opnieuw opvalt, is dat een aantal onderwerpen vrijwel overal terugkomt.

Het vinden en behouden van vakmensen is daar een duidelijk voorbeeld van. In Nederland praten we al langere tijd over de zichtbaarheid van onze industrie en de noodzaak om jongeren te laten zien hoe veelzijdig print, sign en visuele communicatie zijn. Maar precies dezelfde discussie speelt ook in andere landen.

Ook energie is een terugkerend onderwerp. Beschikbaarheid, kosten en de noodzakelijke verduurzaming van productieprocessen hebben rechtstreeks invloed op bedrijven in onze sector.

En dan is er natuurlijk de opkomst van kunstmatige intelligentie. In vrijwel ieder gesprek komt AI inmiddels voorbij. Niet alleen als technologie om content of beelden te creëren, maar vooral als ontwikkeling die invloed krijgt op automatisering, workflow, software, calculatie, planning, productie en uiteindelijk ook op de manier waarop klanten met bedrijven communiceren.

Dat maakt internationale uitwisseling interessant. Niemand heeft op dit moment alle antwoorden, maar door ervaringen met elkaar te delen, hoeft ook niet ieder land steeds opnieuw zelf het wiel uit te vinden.

Investeren in jonge ondernemers

Een ander onderwerp dat binnen FESPA internationaal veel aandacht krijgt, is de ontwikkeling van jonge ondernemers en professionals. In Australië kennen ze het Future Leader Program om jonge ondernemers op te leiden. In Engeland hebben ze een programma draaien wat de Next Generation heet. Wij in Nederland gaan later dit jaar inzetten op een compleet nieuw ontwikkeld platform voor jongeren.

Wereldwijd bestaan inmiddels verschillende programma’s waarin jonge mensen uit onze industrie worden samengebracht. Zij krijgen de mogelijkheid om kennis uit te wisselen, internationale contacten op te bouwen en zich verder te ontwikkelen. Dat is belangrijk.

Onze industrie verandert snel. Nieuwe generaties ondernemers en professionals kijken anders naar technologie, werkgeverschap, duurzaamheid, samenwerking en ondernemerschap. Juist door hen internationaal met elkaar te verbinden, ontstaat een netwerk waar zij gedurende hun verdere loopbaan gebruik van kunnen maken.

Geen FESPA-land is hetzelfde

Wat misschien nog verrassender is, is hoe verschillend de rol van FESPA per land kan zijn.

In Nederland kennen we FESPA vooral als kennis- en netwerkorganisatie. We verbinden ondernemers, organiseren bijeenkomsten, ontwikkelen kennis en proberen onderwerpen die belangrijk zijn voor onze industrie gezamenlijk verder te brengen.

Maar internationaal zijn er heel andere modellen. In sommige landen speelt de nationale FESPA-organisatie bijvoorbeeld een belangrijke rol in het beroepsonderwijs. Met ondersteuning of subsidie vanuit de overheid worden opleidingen voor printers en signmakers ontwikkeld of georganiseerd.

In andere landen houdt de branchevereniging zich nadrukkelijk bezig met arbeidsrechtelijke vraagstukken en ondersteunt zij bedrijven bij werkgeverszaken, cao-achtige structuren of regelgeving rondom personeel.

Er zijn zelfs landen waar brancheorganisaties een veel formelere positie hebben en aansluiting bij de vereniging sterk verweven is met het mogen uitvoeren van bepaalde activiteiten binnen de sector. Dat zijn grote verschillen.

Tegelijkertijd maken juist die verschillen internationale gesprekken waardevol. Een oplossing uit het ene land is misschien niet één op één toepasbaar in Nederland, maar kan wel aanleiding geven om anders naar een probleem te kijken.

Van internationale kennis naar Nederlandse praktijk

Voor FESPA Nederland ligt daar wat mij betreft een belangrijke kans. De internationale federatie is niet alleen een organisatie waar landenverenigingen formeel onderdeel van zijn. Het is vooral een enorm internationaal netwerk van kennis, ervaringen, ideeën en contacten.

Wanneer ergens ter wereld een interessant opleidingsprogramma wordt ontwikkeld, een nieuwe vorm van certificering ontstaat of een goed programma voor jonge ondernemers wordt opgezet, moeten we kijken wat we daarvan kunnen leren.

Andersom kunnen initiatieven uit Nederland ook interessant zijn voor andere landen. Onze FOCUS-groepen, projecten rondom industriepromotie, kennisontwikkeling en certificering zijn voorbeelden van onderwerpen waar internationaal belangstelling voor kan bestaan. Internationale samenwerking werkt immers twee kanten op. Het gaat niet alleen om kennis halen, maar ook om kennis brengen.

Blijven praten met elkaar

Misschien is dat uiteindelijk wel de grootste waarde van zo’n internationale bijeenkomst. De wereld van print en sign is groot, maar tegelijkertijd verrassend klein. Ondernemers in Zuid-Afrika, Australië, Europa, Azië of Noord-Amerika lopen regelmatig tegen vergelijkbare vraagstukken aan.

De omstandigheden verschillen. De oplossingen soms ook. Maar juist daarom moeten we met elkaar in gesprek blijven.Want wanneer 37 landen ieder afzonderlijk proberen dezelfde uitdagingen op te lossen, gaat enorm veel kennis verloren. Wanneer we ervaringen delen, kunnen we juist sneller stappen zetten.

En precies daar ligt volgens mij de kracht van een internationale federatie als FESPA: niet alleen verbonden zijn op papier, maar vooral daadwerkelijk van elkaar leren.